Nieuws

Graag delen wij met u relevante ontwikkelingen vanuit ons vakgebied. Deze publicaties bevatten praktische tips, oplossingen en wellicht inspiratie om uw kennis verder te verrijken.

Wijzigingen pensioenwet 1 maart 2018

Per 1 maart 2018 zijn er een paar kleine wijzigingen in de Pensioenwet van kracht geworden. De wijzigingen die per 1 maart 2018 al ingaan, zijn niet heel ingrijpend. Het gaat om de regels voor collectieve waardeoverdracht en bezwaarrecht bij aanpassing van de fiscale pensioen richtleeftijd.

De wet bevat onder meer de volgende onderdelen:

  1. Vervanging van recht voor de uitvoerder om een klein pensioen af te kopen door een wettelijk recht voor de uitvoerder om dat over te dragen. Afkopen klein pensioen verandert vanaf 2019 voor diegenen die vanaf 2018 uit dienst zijn getreden. Dit wordt vervangen door een recht voor de pensioenuitvoerder om zonder instemming van de werknemer het pensioen over te dragen naar zijn nieuwe pensioenuitvoerder. Als dat na 5 jaarlijkse pogingen niet is gelukt kan de pensioenuitvoerder alsnog afkopen. Voor degenen die vóór 2018 uit dienst zijn getreden komt er nog een opschoonactie waarbij in fases wordt getracht zoveel mogelijk kleine pensioenen over te dragen naar een nieuwe pensioenuitvoerder zonder dat dit tot (administratieve) overbelasting van het systeem leidt. Omdat de rekenregels voor waardeoverdracht gelden kunnen uit waardeoverdracht van klein pensioen overigens wel bijbetalingsverplichtingen voor werkgevers voortvloeien.
  2. Verval van hele kleine pensioenen. Volgens de wet vervallen zeer kleine pensioenen (minder dan € 2 per jaar) bij uitdiensttreding, tenzij de werknemer emigreert naar een andere lidstaat en de pensioenuitvoerder hiervan op de hoogte heeft gesteld. In het overgangsrecht wordt onder voorwaarden ook de mogelijkheid geboden om dit voor bestaande, zeer kleine pensioenen te doen van werknemers waarvan de pensioenopbouw door uitdiensttreding is beëindigd.
  3. De mogelijkheid om zonder instemming van de rechthebbende – onder voorwaarden – de opgebouwde pensioenen collectief te converteren naar een nieuwe fiscale pensioenrichtleeftijd. De wet bevat ook de mogelijkheid om ouderdomspensioen om te zetten naar een nieuwe fiscale pensioenrichtleeftijd (dus 65, 67 of 68), zonder dat de werknemer daar bezwaar tegen kan maken. De (wijziging van de) pensioenregeling moet dan wel die omzetting bevatten en de werknemer moet het kunnen terugzetten naar de oorspronkelijke leeftijd, waarbij dit niet tot een verschil in uitkomst mag leiden. Door latere wijzigingen in de grondslagen die de pensioenuitvoerder collectief hanteert kan er wel een wijziging ontstaan, maar de pensioenuitvoerder mag daarbij geen rekening houden met het risico dat bepaalde groepen dat eerder zullen doen dan andere groepen.

Cybersecurity

Bedrijven maken zich meer zorgen om de cyberveiligheid dan twee jaar geleden, maar die zorgen zijn niet evenredig terug te vinden in de manier waarop ze met cybersecurity omgaan, zo blijkt uit een onderzoek van Marsh onder 1.300 directeuren van bedrijven. Tweederde van de respondenten rangschikt cybersecurity tot de vijf grootste prioriteiten van het management, bijna twee keer zo hoog als in 2016. Driekwart bestempelt bedrijfsstilstand als het grootste cyberrisico; 55% noemt datalekken als risico. Meer weten ?

Ondanks het groeiende risicobewustzijn zegt slechts 19% van de respondenten een groot vertrouwen te hebben in de manier waarop hun onderneming in staat is adequaat te reageren op een cyberincident teneinde zo de gevolgen tot een minimum te beperken. Drie van de tien bedrijven geeft aan een concreet plan te hebben om te reageren op een cyberaanval. Minder dan de helft van de bedrijven heeft het financiële risico van een cyberaanval gekwantificeerd.

Per 25 mei 2018 is de AVG van kracht en dienen ondernemingen aan deze wetgeving te voldoen. Dit houdt onder andere in dat aangetoond moet kunnen worden hoe persoonsgegevens worden verwerkt en dat datalekken verplicht binnen 72 uur moeten worden gemeld. Bedrijven en organisaties die hierin falen, riskeren boetes die kunnen oplopen tot 20 miljoen euro of 4 procent van de jaarlijkse wereldwijde omzet. Stoutenburgh Adviesgroep helpt u graag om tijdig te voldoen aan de AVG en het afstemmen van de verzekeringen op de toenemende cyberrisico’s in de huidige digitale wereld. Wilt u meer weten neem dan contact met ons op voor het maken van een afspraak.

Algemene verordening gegevensbescherming (AVG)

Per 25 mei 2018 is de Algemene verordening gegevensbescherming (AVG) van kracht. Daarin zijn strengere regels vastgelegd voor de bescherming van persoonsgegevens. De afgelopen maanden is hard gewerkt aan de vertaalslag van de AVG naar onze organisatie. Ook uw bedrijf en uw zakelijke relaties krijgen met de AVG te maken. Daarom vertellen we u er graag kort meer over.

Organisaties moeten aantonen dat ze voldoen aan de nieuwe verordening die op 25 mei 2018 ingaat.

Dat vergt inspanningen en investeringen. Zo dient u een verwerkingsregister op te stellen, waarmee u onder andere moet bijhouden welke persoonsgegevens uw organisatie verwerkt, wat de verwerkingsdoeleinden zijn, hoe lang de gegevens worden bewaard en welke maatregelen zijn getroffen om privacyrisico’s te beperken.

De AVG maakt een onderscheid tussen verwerkingsverantwoordelijken en verwerkers. De verwerkingsverantwoordelijke is degene die het doel en de middelen voor de gegevensverwerking vaststelt. De verwerker daarentegen kan geen invloed uitoefenen op het doel en de middelen voor de gegevensverwerking. De verwerker handelt uitsluitend in opdracht van de verwerkingsverantwoordelijke bij het verwerken van persoonsgegevens, zonder rechtstreeks onder zijn gezag te vallen.

Het is van belang om duidelijk vast te stellen of de gegevens worden verwerkt in de hoedanigheid van verwerkingsverantwoordelijke of verwerker. Duidelijkheid over de rolverdeling is van belang omdat een verwerkingsverantwoordelijke belast is met de naleving van de hele AVG en daarop aangesproken kan worden. Daarnaast moet er een specifieke overeenkomst worden gesloten wanneer er een verwerker in het spel is.

Van verwerking is bijvoorbeeld sprake als persoonsgegevens worden bewaard of opgevraagd, maar ook als persoonsgegevens worden verzameld, gewijzigd, geraadpleegd, afgeschermd of uitgewist.

Besteedt u uw salarisadministratie uit aan een administratiekantoor? Dan bent u de ‘verwerkingsverantwoordelijke’ en het administratiekantoor een ‘verwerker’ in de zin van de AVG.

De verwerkingsverantwoordelijke bepaalt het doel en de middelen van een verwerking van persoonsgegevens. U bepaalt wat het administratiekantoor met de persoonsgegevens van uw personeel moet doen.

U dient alles volgens de nieuwe verordening te doen, te documenteren, te evalueren, te wijzigen en te verbeteren. De boetes voor het niet voldoen aan de wettelijke vereisten kunnen oplopen tot EUR 20 mln of 4% van de omzet van uw organisatie. Wilt u meer weten neem dan contact met ons op. We praten u dan graag bij.

Even voorstellen

Mijn naam is Marcel Weij en ik ben sinds 1 april j.l., bij Stoutenburgh Adviesgroep werkzaam als Consultant Pensioenen en Inkomen. Mijn vrije tijd besteed ik grotendeels aan onze jachthond, mountainbiken, zeilen en muziek maken. Ik ben gehuwd en heb 2 volwassen zoons.

De afgelopen 33 jaar heb ik vele werkgevers met vragen over hun collectieve werknemersverzekeringen bijgestaan. Mijn toegevoegde waarde omvat het op alle denkniveaus begrijpelijk overbrengen van deze complexe materie, zodat de betrokken partijen inzicht in hun mogelijkheden krijgen en daardoor een weloverwogen keuze kunnen maken. Om mijn rol in deze trajecten nog beter te kunnen vervullen heb ik aanvullende opleidingen gevolgd (o.a. Mediation en Coaching).

Ik wil mijn kennis en ervaring graag inzetten om goede en langdurige relaties met de bestaande en toekomstige klanten van Stoutenburgh Adviesgroep, op te bouwen. Daarnaast wil ik een positieve bijdrage leveren aan de ontwikkeling en het werkplezier van mijn collega’s.

Ik zie uit naar onze wederzijdse kennismaking.

Cyberrisk

Als uw bedrijf te maken krijgt met cybercrime staat u sterker met een Incident Response Plan. Dit plan versnelt het herstel, beperkt de schade, voorkomt mogelijk herhaling en vermindert negatieve publiciteit. Een Incident Response Plan is geen standaarddocument. Het is belangrijk dat het op maat gemaakt wordt voor uw bedrijf. Hier hoeft u geen expert voor te zijn, u kunt het zelf opstellen, of samen met uw adviseur. Dit is hiervoor een stappenplan. Kies de elementen die voor uw bedrijf relevant zijn.

Download het Incident Response Plan

Verplichte aansluiting bedrijfstakpensioenfonds

Onderdeel van het pensioenvak is het onderzoek doen naar de aanwezigheid van een Collectieve Arbeidsovereenkomst (cao) of een verplicht gesteld Bedrijfstakpensioenfonds (Bpf). Het komt regelmatig voor dat werkgevers niet op de hoogte zijn van het feit dat er voor hun ondernemingen een cao of Bpf van toepassing is.

Binnen de onderneming kunnen verschillende activiteiten plaatsvinden. Dit hoeft niet altijd in afzonderlijke rechtsvormen te gebeuren. Het is belangrijk om de verschillende activiteiten goed in beeld te brengen en vast te leggen. Bepaalde activiteiten van de onderneming kunnen namelijk wel onder een cao en/of Bpf vallen, terwijl dit niet het geval hoeft te zijn voor andere activiteiten. Dit heeft uiteraard gevolgen voor de uiteindelijke samenstelling van de pensioenregeling(en).

Dit jaar hebben wij diverse onderzoeken gedaan voor opdrachtgevers omtrent de verplichtstelling van een Bpf. In een aantal gevallen werden we ingeschakeld nadat de werkgever al was aangeschreven: vriendelijk verzoek om met terugwerkende kracht premie af te dragen. U begrijpt, zelfs 5 jaar terugwerkende kracht is al een continuïteitsvraagstuk. Een Bpf heeft een executoriale titel en de bestuurder is hoofdelijk aansprakelijk conform Wet Bpf2000. Heeft u twijfel over u bij het juiste pensioenfonds zit, of dat aansluiting verplicht is? Laat u dan adviseren, wanneer de uitkomst in een grijs gebied is, kun je vaak nog bijsturen. Dat gaat niet als het Bpf u eerst vindt…

Bestuurdersaansprakelijkheid

Als bestuurder, commissaris of toezichthouder kunt u persoonlijk aansprakelijk worden gesteld voor schade veroorzaakt door u en uw medebestuurders. Dit kan tot hoge juridische kosten leiden, zelfs wanneer de claim onterecht is. Dit gaat ten koste van uw privévermogen.

De Bestuurdersaansprakelijkheidsverzekering dekt de juridische kosten en de uiteindelijke schadevergoeding. Zo kunt u onbezorgd uw werk doen.

Voor wie is de verzekering
De Bestuurdersaansprakelijkheidsverzekering is voor bestuurders, commissarissen en toezichthouders van bv’s, verenigingen en stichtingen en Verenigingen van Eigenaren (VVE).

Wilt u meer weten neem dan contact met ons op.

Wetvoorstel samenvoeging kleine pensioen

Op 21 november jl. heeft de Tweede Kamer ingestemd met het wetsvoorstel Wet waardeoverdracht klein pensioen. Dat betekent dat de afkoop kleine pensioenen wordt vervangen door een bevoegdheid voor de pensioenuitvoerder tot waardeoverdracht. Deze waardeoverdracht vindt plaats zonder instemming van de deelnemer.

In de praktijk betekent dit dat de uitvoerder bij het pensioenregister binnen een jaar na einde deelneming toetst of de betreffende gewezen deelnemer inmiddels pensioen opbouwt bij een andere pensioenuitvoerder. Zo ja, dan vindt automatisch waardeoverdracht van het kleine pensioen plaats naar de nieuwe uitvoerder. Zo nee, dan vindt jaarlijks een hertoetsing plaats.

Met ingang van 1 januari 2019 mogen pensioenuitvoerders bijzonder kleine pensioenen (€ 2,- of minder per jaar) laten vervallen. Tot die tijd roept de minister van SZW iedereen op om op zoek te gaan naar hun eventuele aanspraken op een dergelijk heel klein pensioen. Pensioenuitvoerders kunnen deze dan alsnog afkopen of overdragen.

Tenslotte regelt het wetsvoorstel de mogelijkheid van aanpassing van bestaande aanspraken aan een nieuwe pensioen-richtleeftijd zonder instemming of bezwaarmogelijkheid van de deelnemer.

Aan de eenzijdige aanpassingsmogelijkheid zijn een aantal voorwaarden verbonden die moeten voorkomen dat de aanspraken van een individuele deelnemer kunnen worden aangetast. Meer weten. Neem dan contact op met Stoutenburgh Adviesgroep.

Bron: http://www.nieuwsszw.nl/kleine-pensioentjes

Privacy op de werkvloer

Privacy is al enige tijd een hot topic. Dat bleek ook tijdens onze succesvolle laatste bijeenkomst van 22 juni jl. over de nieuwe Europese privacy wetgeving - de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG). Tijdens die bijeenkomst hebben wij in het algemeen met u besproken hoe uw onderneming aan de AVG moet voldoen. In de praktijk hebben wij gemerkt dat ondernemingen behoefte hebben aan concreet inzicht in wat de AVG voor effect heeft op de organisatie en in het bijzonder op het gebied van personeel/ Human Resource.

Daarom organiseren Marxman Advocaten en Stoutenburgh Adviesgroep op 14 december a.s. een bijeenkomst over privacy op de werkvloer. U bent van harte uitgenodigd om deze bijeenkomst bij te wonen.

Inhoud bijeenkomst

Wij gaan deze middag in op specifieke verwerkingen van persoonsgegevens van uw personeel, mogelijke cyberrisico’s en hoe hiermee om te gaan. Denk bijvoorbeeld aan het verwerken van persoonsgegevens over uw relaties, sollicitanten en medewerkers (bijvoorbeeld in de vorm van een personeelsdossier), maar ook aan minder voor de hand liggende zaken als cameratoezicht, de controle van e-mail en internetverkeer en het gebruik van cookies op de website. Ook daarvoor geldt dat u moet voldoen aan alle verplichtingen uit de AVG. Kortom, een bijeenkomst met een concrete en praktische insteek.

De bijeenkomst borduurt voort op de activiteiten die Marxman en Stoutenburgh Adviesgroep de afgelopen periode hebben ontplooid om haar relatienetwerk zo goed mogelijk te informeren over privacy in al haar facetten. Zo heeft Marxman Advocaten de HR Privacyscan ontwikkeld. Een tool waarmee specifiek voor de HR-afdeling in kaart gebracht kan worden in hoeverre al aan de AVG wordt voldaan. Verder is er een artikel over verwerking van persoonsgegevens op de werkvloer en een whitepaper over cameratoezicht verschenen.

Sprekers

Theo Stockmann en Irene Luijt-Visser, advocaten bij Marxman Advocaten, praten u bij over de AVG en vertellen u aan de hand van voorbeelden wat de juridische gevolgen ervan zijn voor een organisatie en haar personeel.

Rolf Segerink, directeur van Stoutenburgh Adviesgroep staat tijdens de bijeenkomst stil bij de mogelijkheden om je als ondernemer te verzekeren tegen risico's die op het gebied van privacy voorkomen, te denken valt aan de gevaren rondom cybercriminaliteit. Een onderwerp dat de laatste tijd helaas vaak negatief in het nieuws is en een belangrijk onderdeel is van de issues die spelen rondom de AVG. Aan de hand van praktijkvoorbeelden laten wij zien hoe cybercriminaliteit uw organisatie kan treffen. Ook komen er preventietips voorbij.

Tijd & locatie

Het seminar vindt plaats van 15.30 tot 17.00 uur, met aansluitend een netwerkborrel, op het kantoor van Marxman Advocaten aan de Computerweg 1E in Amersfoort. Wij ontvangen u graag vanaf 15.00 uur. Aan het seminar zijn geen kosten verbonden.

Aanmelden

Wilt u de bijeenkomst bijwonen? Meld u dan snel en eenvoudig aan.

Preventiemedewerker

“Preventiemedewerker is de officiële wettelijke benaming in Nederland voor een door een werkgever aangestelde werknemer die de werkgever in een bedrijf bijstaat op het gebied van preventie en bescherming.”
Een preventiemedewerker is de aanjager bij het opzetten en verbeteren van het arbobeleid. Een preventiemedewerker ondersteunt bij het waarborgen van veilige en gezonde werkomstandigheden in een bedrijf.
Het in dienst hebben van ten minste één preventiemedewerker is verplicht. Tot en met 25 werknemers mag eventueel de directeur zelf de preventiemedewerker zijn.

Wettelijke taken

De drie wettelijke taken van een preventiemedewerker zijn:

  • Het (mede) opstellen en uitvoeren van de Risico-inventarisatie en -evaluatie (RI&E)
  • Het adviseren en nauw samenwerken met de ondernemingsraad / personeelsvertegenwoordiging over de te nemen maatregelen voor een goed arbeidsomstandighedenbeleid
  • Deze maatregelen (mede) uitvoeren
  • Het adviseren aan en samenwerken met de bedrijfsarts en andere arbodienstverleners

Daarnaast kan de preventiemedewerker ook andere taken op zich nemen die met arbeidsomstandigheden te maken hebben, zoals het geven van voorlichting aan medewerkers over gezond werken of het onderhouden van contact met de arbodienst of bedrijfsarts.

Opleiding preventiemedewerker

De preventiemedewerker moet in ieder geval over genoeg kennis en ervaring beschikken om zijn taken goed uit te kunnen voeren. De prominentere rol vraagt om een stevige persoonlijkheid. Om de rol als ‘spin in het web’ te kunnen vervullen, zijn naast inhoudelijke deskundigheid ook specifieke competenties nodig op het gebied van communicatie, samenwerking en doortastendheid.

Hoewel het niet wettelijk verplicht is om een opleiding tot preventiemedewerker te volgen, volgen veel (aankomend) preventiemedewerkers trainingen om beter beslagen ten ijs te komen.

Directeur Grootaandeelhouders vanaf 1 april geen pensioen in de BV

Zoals we al eerder hebben aangekondigd in onze nieuwsberichten is er sinds 1 april 2017 geen pensioenopbouw in eigen beheer meer mogelijk voor de directeur grootaandeelhouder (DGA).

De DGA zal voor 1 juli 2017 een keuze moeten maken over de afwikkeling van het opgebouwde pensioen in eigen beheer en zich moeten bezinnen over de pensioenopbouw naar de toekomst toe.

De DGA heeft daarbij drie keuzes:

Iedere keuze heeft zijn eigen voor en nadelen. Deze hebben we voor u op een rij gezet in een informatieve brochure . Hierin treft u de aandachtspunten en gevolgen aan voor iedere keuze. Wilt u deze ontvangen? Stuur dan een mail met uw naam naar annelicephilips@stoutenburgh.nl.

Wanneer u wilt weten wat de verschillende keuzes voor u betekenen kunnen we u in een persoonlijk rapport de mogelijkheden en gevolgen van het stoppen met uw pensioenopbouw in eigen beheer inzichtelijk maken. De kosten voor het inzichtelijk maken van de impact van de verschillende keuzemogelijkheden bedragen € 495,- (exclusief BTW), voor het opstellen van het rapport inclusief de bespreking hiervan bij ons op kantoor. Meer weten ? Neem dan contact op met Annelice Philips via telefoonnummer 033-7600765 of per mail annelicephilips@stoutenburgh.nl.

Stoutenburgh steekt haar handjes uit de mouwen!

Betrokken zijn bij de maatschappij daar hechten wij veel waarde aan. Dat doen wij op verschillende manieren. Op zaterdag 25 maart heeft het Stoutenburgh team haar handjes uit de mouwen gestoken bij ouderenwoonzorgcentrum St. Joseph in Achterveld.

Op een zonovergoten zaterdag werden wij met open armen ontvangen door Irene Abbing en Henk Brandsen van het ouderenwoonzorgcentrum. Na een korte introductie en kennismaking konden de mouwen omhoog en zijn wij aan de slag gegaan. Bomen zijn gesnoeid en zelfs omgehakt, de bankjes en de terrasmeubelen blinken weer, het terras is schoongespoten en als finishing touch zijn de bloembakken weer van mooie bloemen voorzien. Wij hebben genoten van deze zinvolle middag en willen Irene, Henk en Matchpoint Amersfoort graag nogmaals bedanken voor de perfecte begeleiding. Hopelijk genieten de bewoners dit jaar volop van vele mooie zomerse dagen in hun tuin.

ZPoint Leusden bezoekt Stoutenburgh Adviesgroep

22 maart mocht Stoutenburgh de gastheer zijn van ZPoint Leusden. ZPoint is een netwerk voor Zelfstandige Professionals in Leusden. Het delen van kennis en informatie is een speerpunt welke wij hebben opgenomen in onze missie. Dat was voor ons de reden om Zpoint eens uit te nodigen voor een boeiende discussie avond met als onderwerp verzekeringen. En boeiend werd het……

Bij binnenkomst was de stemming nog een beetje gematigd. Verzekeringen spreekt niet altijd evenveel tot ieders verbeelding. Concrete praktijkvoorbeelden maakten de discussie in no time tot een hele boeiende. Er kan immers van alles gebeuren in de het leven van de hardwerkende ondernemer waardoor zijn/haar vermogen of zijn/haar bezittingen worden aangetast. Maar ook de ondernemer zelf loopt risico’s denk bijvoorbeeld aan arbeidsongeschiktheid of het pensioen. En hoe ga je daar dan mee om? Verzekeren is voor ons niet de standaard oplossing. Risico’s vermijden of verminderen is ook een optie. Tijdens de discussie werd wel duidelijk dat betaalbaarheid belangrijk is. Onderzoek onder 500 ZZP’ers laat zien dat 58% weet niet goed verzekerd te zijn en voeren als reden aan dat goede verzekeringen onbetaalbaar zijn. Juist daarom is het vinden van de juiste balans tussen de verschillende opties belangrijk. Iets is daarbij altijd nog beter dan niets.

Daarnaast viel op dat er misverstanden en onduidelijkheden zijn bij de ZZP’er rondom zijn/haar verzekeringen. Er is een duidelijk onderscheidt aan te brengen tussen risico’s die je als particulier loopt en bedrijfsmatige risico’s. Ten onrechte werd er vanuit gegaan dat de verzekeringen welke je als particulier hebt afgesloten ook de schade vergoeden welke beroepsmatig worden veroorzaakt, helaas. De aansprakelijkheidsverzekering particulieren is daarbij een voorbeeld waar veel misverstanden over bestaan.

De volgende relevante verzekeringen voor de ZZP’er zijn behandeld, 58% weet dat de risico’s niet goed verzekerd zijn (bron: onderzoek Reaal verzekeringen onder 500 ZZP’ers) :

Bezittingen

  • Bedrijfsgebouw-, inventaris-, voorradenverzekering (52% wil risico inventaris en goederen verzekerd hebben)
  • Bedrijfsschadeverzekering
  • Elektronicaverzekering
  • Motorrijtuigenverzekering (61% wil zijn bestelauto goed verzekerd hebben)

Vermogen/Bedrijf continuïteit

  • Bedrijfsaansprakelijkheidsverzekering (27% voorziet kans op veroorzaken schade bij opdrachtgever, 61% wil zijn aansprakelijkheid verzekeren)
  • Beroepsaansprakelijkheidsverzekering (zie opmerking hierboven)
  • Milieuaansprakelijkheidsverzekering
  • Rechtsbijstandsverzekering (31% voorziet risico’s juridische conflicten)

De ondernemer

  • Arbeidsongeschiktheidsverzekering (47% van de ondernemers acht kans aanwezig voor uitval als gevolg van gezondheidsredenen)
  • Overlijdensrisicoverzekering (49% wil hiervoor een voorziening treffen)
  • Sparen voor de oude dag (pensioen)

Niet alle ZZP’ers zijn gelijk, daarom zal per situatie bekeken moeten worden welke verzekeringen wel of niet gewenst en van toepassing zijn.

Kortom het was een boeiende avond die nog even werd afgesloten met een lekker drankje.

Help! Ik ben ondernemer en wil een hypotheek voor mijn huis!

Als zelfstandig ondernemer kan het soms knap lastig zijn om een huis te kopen. Want dit gaat vaak gepaard met een hypotheek en die is voor een ondernemer soms wat lastig te regelen aangezien je geen vast inkomen hebt.

‘Even wachten met ondernemen’

Ondernemerscoaches raden starters regelmatig af met het starten van een eigen onderneming als ze op dat moment net middenin een zoektocht naar een nieuwe woning zitten. Jammer eigenlijk, en de vraag is of dit terecht is.

Mogelijke leenbedrag van de hypotheek is lager

Meestal wordt er bij ondernemers voor het bepalen van het inkomen naar de laatste drie jaarcijfers gekeken. Dit in tegenstelling tot mensen in loondienst, waar vaak juist vooruit wordt gedacht. Zo kan iemand met zijn eerste loonstrookje 3 tot 4,5 keer zijn inkomen lenen. Bij een ondernemer wordt gekeken naar de gemiddelde winst van de afgelopen drie jaar. Vervolgens kan de ondernemer 3 tot 4,5 keer zijn gemiddelde winst lenen. Vooral bij startende ondernemers valt de gemiddelde winst lager uit dan de winst in het laatste jaar.

NHG

De overheid heeft voor starters op de woningmarkt een soort vangnet, de nationale hypotheekgarantie. Voor startende ondernemers was er veelal geen mogelijkheid om gebruik te maken van dit vangnet omdat er geen drie jaarcijfers overlegd konden worden. Sinds 1 januari 2017 is het echter mogelijk om met een inkomensverklaring al na 12 maanden zelfstandigheid een hypotheek met nationale hypotheekgarantie te krijgen. Een aangename verruiming!

Rente is voor ondernemers gemiddeld hoger

Wil je als ondernemer een hypotheek afsluiten, dan betaal je vaak een hogere rente. Ondernemers hebben namelijk volgens de bank een hoger risicoprofiel. Ze hebben in de ogen van de bank een verhoogde kans om niet aan de betalingsverplichting te kunnen voldoen. Of dit nu waar is of niet, banken zijn voorzichtig met het verstrekken van een hypotheek aan ondernemers en vragen daarom regelmatig een hogere rente. Het is daarom verstandig om goed de verschillen tussen de diverse geldverstrekkers te verkennen.

Hypotheek dus onmogelijk voor ondernemers?

Het aantal ondernemers in Nederland groeit nog steeds. De hypotheekmarkt past zich hier langzaam op aan. Het afsluiten van een goedkope en vooral maximale hypotheek is voor mensen in loondienst, zeker die met een vast contract en enkele jaren werkervaring, een stuk eenvoudiger. Helemaal onmogelijk is het voor ondernemers zeker niet! In veel gevallen sluit je een hypotheek af samen met je partner. Als die bijvoorbeeld wel in loondienst is, is er al meer mogelijk.

Ook is er meer mogelijk als je over meerdere jaren stabiele jaarcijfers kunt aantonen of kunt aantonen dat je met dezelfde werkzaamheden in loondienst een hoger inkomen hebt ontvangen. Tenslotte is het hebben van eigen middelen ook erg handig. Heb je wat gespaard en kun je bijvoorbeeld een deel van de financieringskosten prima uit eigen zak betalen? Is je hypotheek niet hoger dan negentig procent van de waarde van je huis waarvoor je het hebt gekocht? Al dat soort zaken tellen mee.

Kortom, ben je ondernemer en op zoek naar een passende hypotheek, dan is er alle reden om je goed voor te laten lichten. Maarten Brunnekreef (maartenbrunnekreef@stoutenburgh.nl) , onze financieel adviseur , helpt je hierbij graag!

Wetswijziging Arbeidsomstandighedenwet

Op 24 januari 2017 heeft de Eerste Kamer het wetsvoorstel voor de gewijzigde Arbeidsomstandighedenwet aangenomen. De aangepaste wet zal per 1 juli aanstaande in werking treden. Met deze wetswijziging beoogd het kabinet werkend Nederland gezond en fit te houden. Dit moet bereikt worden door medewerkers en werkgevers meer te betrekken bij het arbobeleid en de preventie binnen bedrijven te bevorderen. Daarom is iedere werkgever vanaf 1 juli 2017 verplicht om een zogenaamd basiscontract af te sluiten met een arbodienst. Het basiscontract stelt minimumeisen aan het contract tussen arbodienstverleners en werkgevers. Wij vertellen u graag welke eisen dit zijn.

Belangrijkste wijzigingen Arbowet

De vernieuwde Arbowet treedt per 1 juli aanstaande in werking. De belangrijkste wijzigingen is de introductie van het basiscontract. Hierin wordt opgenomen bij welke taken de werkgever zich minimaal dient te laten ondersteunen door een arbodienstverlener of bedrijfsarts. Deze taken omvatten de reeds bestaande wettelijke taken én bepalingen uit de nieuwe wetgeving:

Bestaande wettelijke taken:

  • Ziekteverzuimbegeleiding;
  • Toetsen van en adviseren over de Risico-inventarisatie en –evaluatie (RI&E);
  • Periodiek arbeidsgezondheidskundig onderzoek (PAGO);
  • Aanstellingskeuring.

Nieuwe verplichtingen:

  • Iedere werknemer heeft directe toegang tot een bedrijfsarts via een open spreekuur, όόk zonder dat er sprake is van een ziekmelding;
  • De bedrijfsarts moet de mogelijkheid hebben om in overleg te gaan met de OR en/of de preventiemedewerker;
  • De bedrijfsarts moet de ruimte hebben om iedere werkplek te bezoeken;
  • Medewerkers hebben recht op een second opinion van een andere bedrijfsarts;
  • Er moet een duidelijke procedure zijn die beschrijft hoe en waar medewerkers eventuele klachten over de dienstverlening van een bedrijfsarts kan indienen;
  • De bedrijfsarts heeft een
  • meldingsplicht voor beroepsziekten;
  • Het contract moet preventieadvisering door de bedrijfsarts aan de werkgever vastleggen.

De wijzigingen betekenen dat bestaande contracten met arbodienstverleners aangepast moeten worden zodat deze aan de nieuwe wettelijke verplichtingen voldoen. Hiervoor zal een overgangsperiode gelden van één jaar. De verplichting om een basiscontract met een arbodienst-verlener aan te gaan is niet vrijblijvend: de inspectie SZW kan direct een boete opleggen als uw arbocontract niet aan de juiste voorwaarden voldoet.

Op de website www.arboportaal.nl van het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid kunt u veel nuttige informatie vinden over onder andere Arbowetgeving en gezond en veilig werken zoals de Factsheet basiscontract , die de inhoud van het nieuwe basiscontract beknopt toelicht. Wilt u meer weten? Neem dan contact met ons op. Wij helpen u graag!

Blog: NIX68

Geen pensioen voor leeftijd 68 jaar, dat is de afspraak. Het zou een variant op de campagne van het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport kunnen zijn. Het verbod op verkoop van tabak en alcohol aan jongeren tot 18 jaar is ingegeven vanwege onderzoek naar de schade op de gezondheid van onze jeugd. Hoe zit dat dan met de pensioenrichtleeftijd? Speelt gezondheid hierin ook een rol?

Sinds 2014 is pensioenrichtleeftijd gekoppeld aan de gemiddelde levensverwachting van de Nederlandse bevolking. Volgens Centraal Beheer voor de Statistiek (CBS) is de gemiddelde levensverwachting van een 65-jarige in 2028 maar liefst 21,31 jaar. Leuk om te weten, maar wat betekent dit? Het gevolg is dat per 1 januari 2018 de pensioenrichtleeftijd stijgt van 67 naar 68 jaar. De staatssecretaris heeft dit eind 2016 nog middels een algemene maatregel van bestuur definitief gemaakt. De AOW-leeftijd gaat overigens per 1 januari 2022 omhoog van 67 jaar naar 67 jaar en 3 maanden. Zo blijft er dus ook in de toekomst een verschil tussen de AOW-leeftijd en de pensioenrichtleeftijd.

Daar gaan we weer. Pensioenovereenkomst, pensioenreglement en uitvoeringsovereenkomst aanpassen. Adviesaanvraag bij de Ondernemingsraad, instemming werknemers vragen, communicatietraject opstarten. Kortom, het draaiboek kan weer uit de kast. Te beginnen met het bellen van uw adviseur. Maar in tegenstelling tot de laatste wijziging per 1 januari 2015 worden de opbouwpercentages in een eindloon- en middelloonregeling (defined benefit) niet aangepast. De opbouwpercentages in een beschikbare premieregeling (defined contribution) ook niet. Uitsluitend de eindleeftijd. Echter, indien u besluit de eindleeftijd ongewijzigd op 67 jaar te laten staan, moeten de percentages actuarieel herrekend worden. Juist, die worden lager. En dus ook dan dient u het hierboven geschetste traject te doorlopen.

Maar het opschuiven van de pensioenleeftijd raakt niet alleen het pensioendossier. Wat te denken van de stijging van verzuim, de duurzaam inzetbaarheid van werknemers. Zeker als het gaat om de zware beroepen. Dit kan zowel fysiek zware beroepen als ook ‘geestelijk’ zware beroepen. Neem als voorbeeld de IT-consultants. Na een leven lang leren kan ik me voorstellen dat je de ontwikkelingen niet meer kan bijbenen. En de werkgever kijkt ook naar de productiviteit. Het eerder stoppen met werken volledig zelf financieren met een lager levenslang pensioen is geen optie. Met het opschuiven van de pensioenleeftijd naar 68 jaar is er genoeg maatschappelijke discussie. Maar hoe gaat u er als werkgever mee om?

Conclusie voor nu is dat het opschuiven van de pensioenrichtleeftijd volledig toe te wijden is aan de stijging in levensverwachting. In welke gezondheidssituatie we de eindstreep van onze actieve carrière halen, is hierbij buiten beschouwing gelaten. Genoeg informatie voor mijn collega’s en mij om dit thema dit jaar vanuit meerdere hoeken te belichten.

En onze jeugd die nix gaat drinken en roken? Zij leven nog langer, gelukkig…

Wijziging van de Wet uitfasering pensioen in eigen beheer en overige fiscale pensioenmaatregelen

In onze Nieuwsbrief van december 2016 meldden wij Staatssecretaris Wiebes van Financiën om drie maanden uitstel heeft verzocht inzake het wetsvoorstel ‘Wet uitfasering pensioen in eigen beheer en overige fiscale pensioenmaatregelen’ (Wet uitfasering PEB).

Het wetsvoorstel is vorig jaar door de Tweede Kamer aangenomen, maar nog niet behandeld door de Eerste Kamer. Wiebes trok de wet in december te elfder ure terug. De aftrekmogelijkheid van de toekomstige indexaties op het moment van afkoop of omzetting – nog bevestigd in een memorie van antwoord – zou de overheid miljarden aan belastinggeld kosten, zo hadden experts gewaarschuwd.

De staatssecretaris liet daarna een onderzoek doen. Daaruit kwam het volgende naar voren: “De conclusie van dit onderzoek is dat het in het wetsvoorstel voorgestelde artikel 34e van de Wet op de vennootschapsbelasting 1969 (Wet Vpb 1969) aftrek van de lasten van de toekomstige indexatie op het moment van afkoop of omzetting uitsluit, waardoor ook de budgettaire derving zich niet kan voordoen. In het hiervoor genoemde antwoord in de memorie van antwoord is abusievelijk geen rekening gehouden met deze bepaling, waardoor ten onrechte de suggestie is gewekt dat een dergelijke aftrek wel mogelijk is.”

Directeuren-grootaandeelhouders (DGA) zullen onder de nieuwe pensioenwetgeving bij afkoop van pensioen in eigen beheer derhalve niet ineens alle toekomstige indexaties kunnen aftrekken.

De beperking in het genoemde artikel vindt Staatssecretaris Wiebes echter te streng. Het volledig uitsluiten van de aftrek is ongewenst omdat het een kleine groep van rond de 6% van de DGA’s treft, die reeds een actiefpost op de fiscale balans hebben opgenomen voor toekomstige indexaties, vanwege het bij een externe BV onderbrengen van de pensioenverplichting. Middels een Novelle wordt nu voor die groep alsnog de mogelijkheid geboden de actiefpost ineens ten laste van de fiscale winst te brengen (bij afkoop) dan wel in jaarlijkse termijnen tot de leeftijd van 87 jaar (bij omzetting in een oudedagsverplichting).

Donderdag 9 februari jl. heeft de Tweede Kamer de wijziging van de Wet uitfasering pensioen in eigen beheer en overige fiscale maatregelen als hamerstuk behandeld. De wijziging is hierdoor aangenomen. Er is besloten dat de novelle wordt betrokken bij de verdere behandeling van het wetsvoorstel. De behandeling in de Eerste Kamer staat voor begin maart gepland.

Besluit Verbod op Asbestdaken

In Nederland is op dit moment nog altijd circa 100 miljoen m2 aan asbest verwerkt in daken van gebouwen en woningen. Vrijkomende asbestvezels vormen een gevaar voor de volksgezondheid en het milieu. Daarom mogen zowel particulieren als bedrijven en (overheids)instellingen vanaf 2024 geen asbestdaken meer bezitten. Bezit u in 2024 nog een asbestdak? Dan moet u dit alsnog verwijderen, al dan niet nadat u van uw gemeente een boete heeft ontvangen. Tijd dus om alvast in actie te komen!

Voor 2024 moeten álle asbestdaken in Nederland gesaneerd zijn. Hierna kunnen gemeenten eigenaren met een boete dwingen om het (dan illegale) asbestdak te verwijderen. Maar vervelender nog: de kans dat verzekeraars de opruimkosten na beschadiging van een illegaal asbestdak gaan vergoeden, zal naar verwachting vanaf 2024 nihil zijn. Immers, het is dan wettelijk niet meer toegestaan om een asbestdak te bezitten.

Het asbestverbod zal gaan gelden voor álle gebouwen met asbesthoudende dakbedekking in de vorm van asbesthoudende golfplaten, dakleien en bitumen. Het verbod geldt níet voor asbesthoudend materiaal aan de binnenkant van gebouwen en ook niet voor de volgende materialen aan de buitenkant: boeidelen, dakgoten en gevelpanelen. Vaak zal het bij een sanering wel praktisch zijn deze onderdelen gelijk mee te nemen.

Eigenaren van asbestdaken zijn zelf verantwoordelijk voor de verwijdering van asbest. Een particulier mag maximaal 35 m2 asbestdak zelf verwijderen, onder bepaalde strikte voorwaarden. In alle andere gevallen moet asbest verwijderd worden door een gecertificeerd bedrijf. Meer informatie is te vinden op www.infomil.nl.

Ter bevordering voor het tijdig saneren van alle asbestdaken geldt sinds 1 januari 2016 een Subsidieregeling verwijderen asbestdaken. Deze regeling geldt voor zowel particulieren als voor bedrijven en instellingen. In 2017 is € 15 miljoen beschikbaar gesteld. Wacht dus niet te lang en vraag uw subsidie aan via www.mijn.rvo.nl.

Eigenrisicodragerschap Ziektewet: zélf de regie houden

Meer en meer werkgevers worden eigenrisicodrager voor de Ziektewet. Eind vorig jaar was zelfs 35% van alle werknemers in dienst bij een ZW-eigenrisicodrager. Naar verwachting zal dit aantal alleen maar toenemen, omdat eigenrisicodragen zorgt voor meer grip op het verzuim van zieke werknemers die uit dienst gaan. Minder instroom in de ZW leidt uiteindelijk ook tot minder WGA-instroom.

Eén van de speerpunten van Stoutenburgh Adviesgroep is het delen van Kennis. In onze eerste businesslunches van 2017 praten wij u graag bij over het wel en wee van de sociale wetgeving. Hoofdonderwerp zal zijn het eigenrisicodragerschap voor de Ziektewet, al dan niet in combinatie met de WGA. Wat betekent dit voor uw onderneming, en wat kan het u opleveren? Welke keuzes dient u te maken?

Overweegt u eigenrisicodrager te worden? U kunt uw beslissing jaarlijks voor 1 april of 1 oktober kenbaar maken aan de belastingdienst. Op 15 en 17 maart vertellen wij u hoe u inzichtelijk kunt maken of eigenrisicodragerschap bij uw onderneming past, en welke gevolgen uw uiteindelijke beslissing met zich meebrengt.

De businesslunch@stoutenburgh biedt de gelegenheid om met collega-ondernemers te klankborden over dit thema. Door kennis en ervaringen te delen helpen we elkaar bij het oplossen van complexe vraagstukken. Aanmelden voor de Businesslunch kan via info@stoutenburgh.nl . Kent u een collega-ondernemer (beslisser/beleidsbepaler) die ook graag aanschuift, dan is hij of zij van harte welkom. Wacht niet te lang met aanmelden, want het aantal plaatsen is beperkt.

Nieuw staffelbesluit premieregelingen… Leuker kunnen we het niet maken…

Vanaf 1 januari 2017 is er een nieuw staffelbesluit van kracht waarin de kring van uitvoerders voor een fiscaal maximale nominale middelloonregeling wordt uitgebreid, de momenten waarop de eventtoets moet worden uitgevoerd beperkt.

Beschikbare premieregeling

Bij de vaststelling van de premiestaffels, zoals die door het ministerie van Financiën zijn opgesteld als normpremies, is de premie afgeleid van een middelloonregeling.

Bij de opstelling van deze zogenaamde staffels heeft men verschillende rekenrentes als uitgangspunt genomen. In de 4% staffel is een middelloonregeling nagebootst rekening houdend met een rekenrente van 4%, noem het rendement over de inleg. Daarnaast is er een premiestaffel toegestaan op basis van 3% rekenrente. Omdat de huidige rekenrente ver onder het niveau van 3% zit zijn er ook premiestaffels toegestaan waarbij de premiepercentages worden gebaseerd op de kostprijs van een fiscaal maximale nominale middelloonregeling. De premieregeling uitgaande van een fiscaal maximale middelloonregeling mag nu ook worden uitgevoerd door een PPI.

Eventtoets

Bij toepassing van een premiestaffel uitgaande van een rekenrente van 3% diende men verplicht op voorgeschreven momenten het pensioen te toetsen. Men controleert of deze nog voldoet aan de fiscaal maximale opbouw in een middelloonregeling. Deze verplichte toetsingsmomenten waren:

  • Waardeoverdracht;
  • Uitruil van pensioen;
  • Overlijden van pensioengerechtigde;
  • echtscheiding of beëindiging van de partnerrelatie;
  • Emigratie;
  • Fiscale wijzigingen;
  • pensioen ingangsdatum.

De verplichte toets momenten zijn nu aangepast. De toetsing kan vanaf 1 januari 2017 plaatsvinden in geval van waardeoverdracht en op de pensioendatum. Wanneer er een eventueel overschot wordt geconstateerd verviel dit tot 01-01-2017 aan de pensioenuitvoerder. Dit is nu aangepast. Het overschot kan nu, naast de verzekeraar, ook aan de (Ex) werkgever vervallen. Meer weten over de gevolgen voor uw pensioenregeling? Neem dan contact ons op. We vertellen u er graag meer over.

Stress op de werkvloer

Stress op de werkvloer is beroepsziekte nummer 1. Afgelopen 14 november heeft minister Asscher tijdens de aftrap van de Week van de Werkstress bekend gemaakt dertien miljoen euro subsidie beschikbaar te stellen voor onder meer de aanpak van werkstress door werkgevers. Uit onderzoek blijkt dat ruim 2,7 miljoen werknemers onder hoge werkdruk te werken en bijna 1 miljoen werknemers last te hebben van burn-out klachten. Daarnaast blijkt 35% van het werkgerelateerde verzuim door werkstress veroorzaakt te worden.

Werknemers met een hoge werkdruk zijn een risicogroep voor verschillende soorten verzuim, waaronder burn-outs. Zeker wanneer de steun van leidinggevenden en collega’s afneemt, neemt het risico op verzuim van uw werknemers significant toe (18% tegenover 45%). Het loont de moeite om te onderzoeken wat u en uw werknemers kunnen doen om werkstress tegen te gaan. Zeker wanneer u bedenkt dat 2% reductie van het ziekteverzuim bij een loonsom van € 1.000.000,- al snel voor een jaarlijkse besparing van € 20.000,- zorgt.

Wilt u weten wat u kunt doen om ervoor te zorgen dat uw werknemers lekker in hun vel zitten? En hoe u het verzuim van uw werknemers kunt beperken? Neem dan contact op met ons op via (033) 760 0 760 of stuur een e-mail naar info@stoutenburgh.nl.

Onzekerheid voor zzp’ers blijft bestaan

Blog Single

Na veel kritiek is de wet die schijnzelfstandigheid moet tegengaan uitgesteld tot 2018. Kunnen zzp’ers nu weer gewoon aan de slag?

De Wet Deregulering Beoordeling Arbeidsrelatie (DBA) vervangt sinds een half jaar de Verklaring arbeidsrelatie (VAR-verklaring), waarin staat dat een werknemer zelfstandig voor een opdrachtgever werkt en niet verkapt in loondienst is.

Nederland telt bijna 1 miljoen zelfstandigen. De invoering van de nieuwe wet heeft ertoe geleid dat een kwart van de zzp’ers overweegt te stoppen als zelfstandige. Dit is geconstateerd door bemiddelingsbureau HeadFirst na een peiling onder ruim 1.700 zelfstandigen. 74 procent van de ondervraagden zegt dat het lastiger is geworden om opdrachten te krijgen en 67 procent van de zzp’ers zegt meer administratie lasten te hebben.

Een half jaar na de invoering van de wet DBA heeft staatssecretaris Eric Wiebes (Financiën, VVD) besloten de handhaving ervan uit te stellen tot op zijn vroegst 2018.

De reden: onrust bij zzp’ers en bedrijven. De nieuwe wet zorgde bij beide partijen voor onduidelijkheid en onzekerheid. Veel werkgevers stoppen met het inhuren van zelfstandigen, deels uit organisatorische overwegingen, deels uit angst voor naheffingen of boetes van de Belastingdienst.

Heeft u vragen over de wet DBA? Neem dan contact op met ons op via (033) 760 0 760 of stuur een e-mail naar info@stoutenburgh.nl.

Pensioenrichtleeftijd en AOW-leeftijd omhoog

Blog Single

Het kabinet heeft bekend gemaakt dat zowel de pensioen-richtleeftijd als de AOW-leeftijd (verder) omhoog zullen gaan. Beide maatregelen zijn wettelijke (automatische) verhogingen, die het gevolg zijn van een hogere levensverwachting bij 65 jaar. De pensioen-richtleeftijd, een rekenleeftijd die wordt gebruikt voor de berekening van de jaarlijkse maximaal toegestane fiscale pensioenopbouw, gaat vanaf 2018 omhoog van 67 jaar naar 68 jaar.

De AOW-leeftijd zal vanaf 2022 worden verhoogd van 67 jaar naar 67 jaar en drie maanden. De verhoging heeft gevolgen voor de mensen die na 1954 geboren zijn. Iemand die op 31 december 1954 is geboren krijgt de AOW-uitkering op zijn 67e verjaardag, iemand die op 1 januari 1955 is geboren, moet wachten tot 67 jaar en drie maanden.

Wilt u meer weten wat dit voor u betekent ? Neem dan contact op met ons op tel. 033-7600765.

Bron:

https://www.rijksoverheid.nl/actueel/nieuws/2016/10/31/rekenleeftijd-voor-maximale-fiscale-pensioenopbouw-aangepast

Vastlegging UBO’s

Blog Single

In het kader van de Sanctiewetgeving mogen financiële instellingen geen financiële diensten leveren en financiële transacties aangaan met personen en/of organisatie die op de (inter)nationale sanctielijsten staan. Als adviseur en bemiddelaar van financiële producten vervullen wij een belangrijke functie als poortwachter bij de uitvoering van die sancties. Daarom zullen wij de komende periode actief gaan onderzoeken wie de uiteindelijke belanghebbenden (UBO’s) zijn achter onze relaties.

De afkorting UBO staat voor Ultimate Beneficial Owner, ofwel de uiteindelijk belanghebbende(n). Kort samengevat zijn dit de natuurlijke personen welke:

  • Een belang hebben van meer dan 25% in het kapitaal van de rechtspersoon;
  • Meer dan 25% van de stemrechten kunnen uitoefenen in de algemene vergadering;
  • Of begunstigde is van meer da 25% van het vermogen van de rechtspersoon.

Om de uiteindelijke belanghebbenden te achterhalen, zullen wij u vragen een UBO-verklaring aan te leveren. Deze zullen wij tijdens de eerstkomende afspraak persoonlijk met u invullen.

Heeft u vragen of opmerkingen over de vastlegging van UBO’s? Neem dan contact op met ons op via (033) 760 0 760 of stuur een e-mail naar info@stoutenburgh.nl.

Afkoop klein pensioen wordt waardeoverdracht klein pensioen?

Blog Single

Staatssecretaris Klijnsma van SZW is voornemens een wetsvoorstel in te dienen dat het veelvuldig teloor gaan van kleine pensioenen door afkoop dient te voorkomen. Om het kleine pensioen een oudedagsbestemming te laten behouden, zou afkoop plaats moeten maken voor waardeoverdracht.

In een brief aan de Tweede Kamer d.d. 22 november 2016 zet de Staatssecretaris de hoofdlijnen van het komende wetsvoorstel uiteen.

In plaats van het recht op afkoop verkrijgt de pensioenuitvoerder een recht op waardeoverdracht, zonder tussenkomst van de ex-deelnemer, naar de nieuwe pensioenuitvoerder. Er wordt nadrukkelijk gekozen voor een recht en geen plicht tot waardeoverdracht. Als de pensioenuitvoerder niet kiest voor waardeoverdracht kan op de pensioeningangsdatum nog wel tot afkoop worden overgegaan.

Pensioenuitvoerders dienen een inkomende waardeoverdracht via dit systeem te accepteren. Daarnaast kunnen uitvoerders op vrijwillige basis ook reeds bestaande kleine pensioenen overdragen.

Tenslotte is de Staatssecretaris voornemens om een regeling te introduceren waarin zeer kleine pensioenen komen te vervallen. Gedacht wordt hierbij aan een afkoopwaarde van € 14,- ,

vergelijkbaar met de grens die de Belastingdienst hanteert bij het niet meer terugstorten van teveel betaalde loonbelasting.

Bron: https://www.rijksoverheid.nl/documenten/kamerstukken/2016/11/22/kamerbrief-hoofdlijnen-wetsvoorstel-waardeoverdracht-klein-pensioen-en-implementatie-wet-pensioencommunicatie

Geen allocatiefunctie besloten in definitie uitzendovereenkomst

Blog Single

Leent u mensen uit aan opdrachtgevers, heeft u een payroll- of uitzendorganisatie of detacheert u werknemers, dan is onderstaand artikel voor u erg van belang.

Met enige vertraging heeft de Hoge Raad 4 november arrest gewezen in een tweetal zaken die betrekking hebben op de vraag of de “allocatiefunctie” een constitutief vereiste is voor het bestaan van een uitzendovereenkomst. Een van de zaken betreft de procedure van Care 4 Care Human Resources (C4C) tegen het Pensioenfonds voor Personeelsdiensten (Bpf StiPP).

In artikel 7:690 BW wordt de uitzendovereenkomst gedefinieerd als een arbeidsovereenkomst waarbij de werknemer door de werkgever, in het kader van het beroep of bedrijf van de werkgever ter beschikking wordt gesteld aan een derde om krachtens een door deze aan de werkgever verstrekte opdracht arbeid te verrichten onder leiding en toezicht van de derde. Deze omschrijving beperkt zich volgens de Hoge Raad niet tot het enkel bij elkaar brengen van vraag en aanbod naar tijdelijke arbeid (ziek & piek). Een dergelijke beperking blijkt volgens de Hoge Raad ook niet uit de wetsgeschiedenis.

Met dit arrest geeft de Hoge Raad niet alleen uitleg aan artikel 7:690 BW, maar ook aan artikel 7:691 BW. Deze bepalingen werden in de rechtspraak en de literatuur verschillend uitgelegd. Verder overweegt de Hoge Raad in de zaak van C4C dat voor zover de toepassing van de regels van art. 7:691 BW in ‘nieuwe’ driehoeksrelaties (zoals payrolling) het in de eerste plaats aan de wetgever om hier grenzen te stellen. Dit indien het zou leiden tot resultaten die zich niet laten verenigen met hetgeen de wetgever voor ogen heeft gehad bij de betreffende artikelen. Echter, ook de rechter dient de regels zo uit te leggen dat strijd met de ratio van die regels wordt voorkomen, dan wel dat hij een beroep op die regels naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar kan oordelen. In de onderhavige zaak is dit volgens de Hoge Raad niet aan de orde.

De Hoge Raaduitspraak heeft gevolgen voor de reikwijdte van de Verplichtstelling van het Bpf StiPP. Heeft u een payroll-, uitzend-, of detacheringsorganisatie dan heeft dit mogelijk gevolgen voor de pensioenregeling. Wilt u meer weten wat de strekking van de uitspraak van de Hoge Raad betekent voor uw bedrijf? Neem dan contact op met ons op tel. 033-7600765.

DGA krijgt meer tijd bij uitfaseren eigen beheer pensioen

Blog Single

In onze vorige nieuwsbrief hebben wij stilgestaan bij het afschaffen van de mogelijkheid om het pensioen van de DGA in eigen beheer op te bouwen.

De beoogde ingangsdatum van 1 januari 2017 van het wetsvoorstel “Wet uitfasering pensioen in eigen beheer en overige fiscale pensioenmaatregelen” brengt met zich mee dat in de praktijk mogelijk te weinig tijd resteert voor de betrokken partijen om alle noodzakelijke handelingen te verrichten. Dit heeft de Staatssecretaris van Financiën aangegeven in een Nota van Wijziging bij het wetsvoorstel welke hij op 10 november jl. naar de Tweede Kamer heeft gezonden. Als gevolg daarvan heeft hij toegezegd op korte termijn met een beleidsbesluit te komen waarbij hij een extra termijn van drie maanden geeft voor het afronden van de noodzakelijke handelingen.

Hoewel de beoogde ingangsdatum van het wetsvoorstel 1 januari 2017 blijft, betekent dit wel dat de BV en de DGA tot 1 april 2017 onder meer de tijd krijgen om:

  • een besluit in de algemene vergadering van aandeelhouders te nemen om de pensioenregeling aan te passen;
  • zich door een externe adviseur voldoende te laten informeren over de gevolgen en keuzemogelijkheden;
  • een besluit te nemen over een eventuele overdracht van een extern verzekerd gedeelte naar de eigen BV.

Hoe wordt omgegaan met een eventuele voortgezette pensioenopbouw in eigen beheer na 1 januari 2017 zal in het beleidsbesluit nader worden bepaald, evenals hoe in dat geval de afkoopwaarde zal worden vastgesteld.